Wetenschappelijke Kwantificering van Dierenwelzijn: Focus op Dolfijnen en Kea's

Bewerkt door: Olga Samsonova

De wetenschappelijke gemeenschap beweegt zich naar de objectieve meting van positieve gemoedstoestanden, ofwel 'positief affect', bij dieren, waarmee eerdere terughoudendheid tegenover antropomorfisme wordt overwonnen. Een interuniversitair onderzoeksproject, informeel de 'vreugde-meter' genoemd, streeft naar het vaststellen van meetbare indicatoren voor intense bevrediging over diverse diersoorten heen. Dit streven is ingebed in een bredere erkenning dat dieren gevoelens kunnen ervaren, een standpunt dat wordt ondersteund door onderzoekers van onder andere de Universiteit Leiden en de Universiteit Utrecht, hoewel de subjectieve interpretatie ervan objectief moeilijk te onderzoeken blijft.

Dit onderzoek heeft zich uitgebreid naar studies met dolfijnen, voortbouwend op eerdere bevindingen bij primaten en papegaaien, met als doel objectieve maatstaven voor geluk te definiëren. De intelligente Kea-papegaai uit Nieuw-Zeeland is een specifiek studieobject. Onderzoekers van de University of Auckland hebben aangetoond dat deze vogels een gevoel voor kansberekening bezitten, een vorm van intelligentie die voorheen voornamelijk bij primaten werd waargenomen. De Kea, die voorkomt op het Zuidereiland van Nieuw-Zeeland, is een omnivoor die zich aanpast aan het gematigde klimaat en in het wild zowel nectar en stuifmeel eet als soms schapen aanvalt voor bloed en vet. Specifieke gedragspatronen bij de Kea zijn gekoppeld aan beloningen, zoals de ontdekking dat deze vogels speelse 'warble calls' produceren die bij soortgenoten 'tap-dancing' kunnen uitlokken.

Om vreugde objectief te onderscheiden van stress, analyseren onderzoekers hormoonspiegels uit monsters, wat een fysiologische component van emoties meetbaar maakt. Kea's, bekend als zeer creatief en sociaal, ontwikkelen een rangorde binnen hun groep, en hun intelligentie wordt vaak geprikkeld met verblijfsverrijking in instellingen zoals Burgers' Zoo. Wat betreft de tuimelaar-dolfijnen, recent onderzoek onder leiding van Jason Bruck van de Stephen F. Austin State University in Texas heeft aangetoond dat zij hun smaakzin gebruiken om urine van bekende soortgenoten te onderscheiden van die van onbekenden. Dit vormt het eerste onderbouwde bewijs dat sommige dieren soortgenoten herkennen via hun smaakzin, naast het reeds bekende herkennen via hun unieke gefluit.

Daarnaast zijn er langlopende onderzoeken, zoals dat van de Dolphin Academy Curaçao sinds januari 2013, die zich richten op de rust- en waakcycli van dolfijnen door middel van niet-invasieve 24-uurs observaties. Hoewel dolfijnen in gevangenschap soms worden gebruikt voor gedragsonderzoek waarbij hun karaktereigenschappen met primaten en mensen worden vergeleken, blijven ethische vragen bestaan over de validiteit van dergelijke studies. Het overkoepelende doel van deze kwantificeringsinspanningen is het ontwikkelen van een genuanceerd inzicht in het welzijn en de subjectieve ervaring van dieren. Dit kan een fundamentele verschuiving betekenen voor zowel de implementatie van dierenwelzijnsnormen als voor de ontwikkeling van effectieve natuurbeschermingsstrategieën, waarbij de 17e-eeuwse visie van Descartes, die dieren als geautomatiseerde machines zag, wordt vervangen door een genuanceerder beeld.

13 Weergaven

Bronnen

  • VICE

  • Science News

  • VICE

  • Uniavisen

  • Science News

  • John Templeton Foundation

Heb je een fout of onnauwkeurigheid gevonden?We zullen je opmerkingen zo snel mogelijk in overweging nemen.