Analyse: Rudimentaire Vormen van Bewustzijn in Late Foetale Periode Gesignaleerd

Bewerkt door: Elena HealthEnergy

Een recente wetenschappelijke analyse stelt dat rudimentaire vormen van bewustzijn reeds in de late foetale periode ontstaan. Deze bevinding werpt een nieuw licht op de timing van zintuiglijke ervaringen vóór de geboorte en heeft directe implicaties voor ethische discussies rond de status van de foetus, de perceptie van pijn en de juridische kaders van persoonlijkheid.

Neonatoloog Carlo Bellieni publiceerde in januari 2026 een overzichtsartikel in een internationaal gynaecologisch tijdschrift, waarin hij de resultaten van 31 klinische proeven uit het voorgaande decennium synthetiseerde. De centrale stelling in Bellieni's recensie, getiteld "A Rudimentary Consciousness Appears in the Late Fetal Period", is dat er substantiële bewijzen zijn voor diverse bewustzijnsvormen vóór de geboorte. Dit ondermijnt de aanname dat foetussen continu gesedeerd zijn. Bellieni definieerde geheugen als de "minimale gemeenschappelijke deler" van bewustzijn en beoordeelde onderzoek op basis van geheugen, anatomie/perceptie en neurologische banen.

De ontwikkeling van thalamo-corticale vezels, cruciaal voor de vorming van verbindingen, intensiveert zich in de tweede helft van de zwangerschap. Bellieni analyseerde tien studies naar de paden die bewustzijn mogelijk maken en benadrukte dat tijdelijke hersenstructuren, zoals de subplaat voor algemene sensaties en de thalamus voor pijn, zintuiglijke ervaringen toelaten nog voordat de cerebrale cortex volledig is ontwikkeld. Dit impliceert dat de eerste sensaties al rond het midden van de zwangerschap kunnen worden waargenomen.

Recent onderzoek met foetale magneto-encefalografie (fMEG) bij 56 gezonde foetussen tussen 25 en 40 weken toonde aan dat foetussen in de laatste weken van de zwangerschap in staat zijn externe prikkels bewust te verwerken. Verder onderzoek weerlegt het idee van constante foetale sedatie door het aantonen van onderscheidende gedragsstaten, zoals periodes van 'slapen' en 'wakker zijn', waarbij de niveaus van neuro-inhibitors te laag zijn voor continue sedatie.

Een overzicht van vijftien perceptiestudies beschreef de reacties van de foetus op stimuli. Zo reageerden foetussen verschillend op smaken die via het moederlijke dieet werden overgebracht. Een studie van Durham University, uitgevoerd met 100 zwangere vrouwen tussen 32 en 36 weken, rapporteerde 'lachgezicht'-reacties op zoetere wortelsmaken en meer 'huilgezicht'-reacties op boerenkool, wat wijst op de vorming van smaakvoorkeuren in utero.

Bij de beoordeling van zes geheugenstudies besprak Bellieni bevindingen met aangepaste foetale MEG, dat neuronale vuring in realtime meet. Onderzoek toonde aan dat foetussen vanaf 35 weken de relatie tussen gebeurtenissen kunnen detecteren, wat zich manifesteerde in verhoogde hersenactiviteit wanneer een verwacht toonpatroon werd doorbroken. Dit vermogen tot het leren van hiërarchische regels en het vormen van een geheugenspoor voor tweede-orde regelmatigheid was betrouwbaar aanwezig bij foetussen ouder dan 35 weken tijdens auditieve oddball-experimenten.

Aangezien complexe cognitieve vermogens zoals een narratieve zelfidentiteit pas ver na de geboorte ontstaan, impliceert Bellieni's recensie dat het trekken van een morele grens tussen vroege foetussen en pasgeborenen niet wordt ondersteund door de huidige kennis van continue neuro-ontwikkeling. Deze bevinding verankert discussies over het welzijn van de foetus in een continuüm van neuro-ontwikkeling, in plaats van te vertrouwen op strikte, mogelijk willekeurige, afkapwaarden.

10 Weergaven

Bronnen

  • Life News

  • Lifeissues News

  • Secular Pro-Life

  • National Right to Life

  • LifeNews.com

  • ECronicon

Heb je een fout of onnauwkeurigheid gevonden?We zullen je opmerkingen zo snel mogelijk in overweging nemen.