Zelfspraak: Cognitieve Functie en Emotionele Regulatie bij Volwassenen

Bewerkt door: Olga Samsonova

De hedendaagse psychologie herinterpreteert het hardop tegen uzelf spreken, aangeduid als 'private speech' of 'zelfspraak', niet als een indicator van psychische onbalans, maar als een natuurlijke uiting van zelfgestuurde dialoog. Dit gedrag vervult essentiële functies, waaronder het ordenen van gedachten, het faciliteren van besluitvorming en het reguleren van emoties, wat resulteert in een verbetering van cognitieve vermogens zoals geheugen en concentratie.

Onderzoek toont aan dat het hardop uitspreken van instructies, zoals bij het volgen van een kookrecept, helpt om informatie effectiever vast te leggen in het geheugen. Bovendien wijzen studies uit dat het benoemen van objecten in het openbaar het visuele zoekproces en de objectlocatie versnelt. Dit fenomeen, dat Lev Vygotsky zag als een cruciale overgangsfase naar geïnternaliseerde gedachten, wordt door volwassenen ingezet voor redenering en emotionele controle, vooral onder hoge cognitieve belasting. De bevestiging vanuit de cognitieve psychologie is dat hardop spreken de werkgeheugencapaciteit ondersteunt en informatie structureert, wat potentieel angst kan verminderen tijdens het uitvoeren van complexe taken.

Hoewel dit gedrag typisch is voor de kinderontwikkeling, waar het vaak voorkomt tussen de leeftijd van twee en zeven jaar, passen volwassenen deze strategie bewust toe voor zelfsturing. Vygotsky benadrukte de functionele rol van private speech in het overbruggen van interpersoonlijke communicatie en intrapersoonlijke cognitie, in tegenstelling tot Jean Piaget die dergelijke verbalisaties als 'egocentrische spraak' bestempelde. Onderzoekers hebben in de afgelopen dertig jaar een hernieuwde aandacht voor private speech, waarbij een positieve correlatie wordt gevonden tussen het gebruik ervan door kinderen en hun taakprestaties.

De toepassing van deze zelfspraak strekt zich uit tot het verbeteren van de prestaties in veeleisende omgevingen. Hoogleraar Kross van de Universiteit van Michigan deed in 2014 onderzoek naar de effecten van zelfaanspreekvormen. Dit onderzoek toonde aan dat presteren met minimale stress het beste lukt wanneer men zichzelf in de tweede of derde persoon aanspreekt, bijvoorbeeld door 'jij kunt dit' te zeggen in plaats van 'ik kan dit'. Dit mechanisme, bekend als 'self-distancing', vergemakkelijkt het aannemen van advies alsof het van een externe bron komt.

Zelfspraak dient tevens als een krachtig instrument voor emotionele regulatie en stressmanagement. Door innerlijke dialogen te externaliseren, kunnen individuen beter omgaan met uitdagende situaties en hun gevoelens verwerken, een techniek die zelfs wordt toegepast in therapieën om negatieve denkpatronen te doorbreken. Psychologen Daniel Swigley en Gary Lupya toonden in hun onderzoek in The Quarterly Journal of Experimental Psychology aan dat proefpersonen die de te zoeken objecten hardop herhaalden, de items sneller vonden dan degenen die stil bleven. Dit duidt erop dat het verbaliseren van de taak de visuele eigenschappen van de hersenen activeert, wat leidt tot een snellere uitvoering en een vermindering van afleiding door externe prikkels.

11 Weergaven

Bronnen

  • PULZO

  • Infobae

  • Heraldo de Aragón

  • Infobae

  • Diario Occidente

  • YouTube

Heb je een fout of onnauwkeurigheid gevonden?We zullen je opmerkingen zo snel mogelijk in overweging nemen.