EU zoekt politieke oplossing voor Hongaarse blokkade van hulp aan Oekraïne na conflict over oliepijpleiding

Bewerkt door: Tatyana Hurynovich

De leiders van de Europese Unie blijven inzetten op diplomatieke onderhandelingen om de Hongaarse premier Viktor Orbán te overtuigen zijn veto tegen een substantieel financieel steunpakket voor Oekraïne in te trekken. Dit hulppakket, met een geschatte waarde van ongeveer 90 miljard euro, vormt een cruciaal onderdeel van de Europese strategie voor de regio. In Brussel heerst echter de vrees dat het starten van formele juridische procedures tegen Boedapest averechts kan werken. Men is bezorgd dat dergelijke stappen de positie van de Hongaarse premier op het binnenlandse politieke toneel juist zullen versterken in de aanloop naar de algemene verkiezingen, die gepland staan voor 12 april 2026.

De diplomatieke spanningen zijn aanzienlijk toegenomen na een ultimatum van Viktor Orbán. Hij verklaarde onomwonden dat Hongarije geen goedkeuring zal geven aan de EU-lening totdat de exploitatie van de Druzhba-oliepijpleiding volledig is hersteld. Het transport van Russische olie via deze vitale verbinding werd door Oekraïne stopgezet nadat een drone-aanval ernstige schade had toegebracht aan het cruciale pompstation Kalejkino in Tatarstan. Sinds de leveringen op 27 januari werden onderbroken, hebben Hongarije en Slowakije de financiële steun aan Kiev geblokkeerd, waarbij zij de Oekraïense regering ervan beschuldigen de situatie als politiek drukmiddel te misbruiken.

Péter Szijjártó, de Hongaarse minister van Buitenlandse Zaken en Handel, heeft eerder gesteld dat Oekraïne de associatieovereenkomst tussen de EU en Oekraïne schendt door de doorvoer van olie te belemmeren. Als directe tegenmaatregel hebben Hongarije en Slowakije de export van diesel naar Oekraïens grondgebied opgeschort. Ondertussen hebben EU-leiders, waaronder de voorzitter van de Europese Raad, António Costa, scherpe kritiek geuit op de houding van Hongarije, zeker tegen de achtergrond van de vierde verjaardag van de grootschalige Russische invasie in Oekraïne. De Europese Commissie benadrukt dat de energiezekerheid van de Unie stabiel blijft door voortdurende diversificatie en spreekt de hoop uit dat Boedapest politieke geschillen niet langer koppelt aan het uitvoeren van gezamenlijke Europese besluiten.

Volgens diplomatieke bronnen zou een mogelijk politiek akkoord specifieke garanties kunnen bevatten om het herstel van de olieleveranties aan Hongarije en Slowakije te bespoedigen. Premier Viktor Orbán probeert zijn politieke invloed te maximaliseren met het oog op de verkiezingen van 12 april 2026, waarbij hij de huidige crisis hanteert als een instrument om druk uit te oefenen op de Europese instituties. Om zijn binnenlandse veiligheidsagenda kracht bij te zetten, heeft het hoofd van de Hongaarse regering opdracht gegeven tot verscherpte bewaking van kritieke energie-infrastructuur. Tevens is er een strikt vliegverbod voor drones ingesteld in de provincie Szabolcs-Szatmár-Bereg om verdere sabotageacties te voorkomen.

De aanval met onbemande vaartuigen op het pompstation Kalejkino in het district Almetjevsk in Tatarstan vond plaats op 23 februari. Dit incident leidde tot een aanzienlijke daling in de ontvangst van ruwe olie door het Russische bedrijf Transneft, met een geschatte afname van circa 250.000 vaten per dag. Dit station bevindt zich op meer dan 1.200 kilometer van de Oekraïense grens en is een essentieel knooppunt voor het transport van West-Siberische olie en de vorming van de Urals-exportmix. Volgens ingewijden vlogen bij de aanval twee opslagtanks in brand. De verminderde doorvoercapaciteit verergert de bredere exportproblemen van Rusland, die al onder druk staan door de aangescherpte westerse sancties tegen de energiesector.

Hongarije heeft de Europese Unie verzocht om een internationale missie te sturen, inclusief experts uit Hongarije en Slowakije, om de feitelijke staat van de pijpleiding ter plaatse te controleren. Hoewel de capaciteit van de Kroatische operator JANAF wordt gezien als het meest realistische alternatief voor de raffinaderijen in Hongarije en Slowakije, heeft de EU Oekraïne gevraagd de reparaties aan de Druzhba-leiding te versnellen. De politieke context van de verkiezingen op 12 april 2026, waarin Orbán het opneemt tegen uitdager Péter Magyar, maakt de situatie uiterst gevoelig. Kritiek op het beleid van Brussel en Kiev is inmiddels een vast onderdeel geworden van de Hongaarse verkiezingsretoriek om kiezers te mobiliseren.

3 Weergaven

Bronnen

  • hirado.hu

  • Reuters

  • Portfolio.hu

  • Világgazdaság

  • The Washington Post

  • ORIGO

Heb je een fout of onnauwkeurigheid gevonden?We zullen je opmerkingen zo snel mogelijk in overweging nemen.