Zonne-energie verstevigt koppositie in kosten en transformeert de mondiale energiemix

Bewerkt door: Tatyana Hurynovich

Zonne-energie verstevigt koppositie in kosten en transformeert de mondiale energiemix-1

In maart 2026 is zonne-energie definitief uitgegroeid tot de meest economisch rendabele bron voor nieuwe elektriciteitsopwekking op wereldschaal. Deze historische mijlpaal markeert een fundamentele verschuiving in het mondiale energielandschap, waarbij de exponentiële groei van fotovoltaïsche systemen de traditionele energiebronnen onder druk zet. Gedreven door een drastische en aanhoudende daling van de productiekosten, slaagt zonne-energie erin om gevestigde sectoren zoals steenkool, aardgas en zelfs kernenergie effectief uit de markt te concurreren. Deze transformatie is niet langer een toekomstscenario, maar een actuele realiteit die de manier waarop de wereld energie produceert en consumeert blijvend verandert.

Volgens recente prognoses van het Internationaal Energieagentschap (IEA) zullen hernieuwbare bronnen, met zonne-energie als belangrijkste aanjager, steenkool passeren als de primaire bron voor wereldwijde elektriciteitsopwekking tegen het einde van 2025 of uiterlijk halverwege 2026. Tegelijkertijd laat het rapport IEA Electricity 2026 zien dat de mondiale vraag naar stroom in de periode 2026–2030 met gemiddeld 3,6% per jaar zal toenemen. Dit groeitempo is bijna 50% sneller dan de stijging die we in het voorgaande decennium zagen. Deze versnelling benadrukt de kritieke noodzaak voor een nog snellere en grootschaligere uitrol van zonne-energiecapaciteit om aan de groeiende behoefte van de wereldeconomie te kunnen voldoen.

De statistieken over de wereldwijde groei zijn indrukwekkend: tegen het einde van 2025 bereikte de totale geïnstalleerde capaciteit van zonne-energiesystemen de grens van 2900 GW. Alleen al in het jaar 2025 werd er een recordhoeveelheid van 647 GW aan nieuwe installaties toegevoegd aan het wereldwijde netwerk. Desondanks wijst de BNEF Global PV Market Outlook erop dat de groei in 2026 licht zou kunnen stabiliseren rond de 649 GW. Hoewel dit nog steeds een gigantisch volume is, zou het de eerste keer sinds het jaar 2000 zijn dat de groei niet significant versnelt, wat duidt op een overgang naar een meer volwassen marktdynamiek. De langetermijnverwachtingen blijven echter ambitieus: tegen 2030 zou de totale wereldwijde zonnecapaciteit kunnen oplopen tot 9000 GW, wat voldoende is om in meer dan 20% van de totale mondiale energievraag te voorzien.

China handhaaft zijn positie als de absolute spil in de wereldwijde zonne-energiesector. In 2025 vestigde het land een nieuw record door 315 GW aan nieuwe capaciteit te installeren, waardoor het nationale totaal aan het eind van dat jaar op circa 1300 GW uitkwam. Er wordt voorspeld dat zonne-energie in 2026 voor het eerst een groter aandeel in de Chinese stroomopwekking zal hebben dan steenkool. Dit is een opmerkelijke trendbreuk, aangezien het aandeel van steenkool in de Chinese energiemix de afgelopen tien jaar al is gedaald van 70% naar 56%. Toch laten de eerste gegevens van 2026 een lichte vertraging zien; het aantal nieuwe installaties in China daalde met ruim 17% ten opzichte van het voorgaande jaar. Deze daling wordt toegeschreven aan de verschuiving van directe overheidssubsidies naar marktconforme prijsmechanismen, waaronder het stopzetten van de btw-teruggave op de export van zonnepanelen per april 2026.

De Europese Unie heeft haar eigen ambities voor 2025 ruimschoots waargemaakt en bereikte een geschatte totale capaciteit van 406 GW. In datzelfde jaar leverde zonne-energie al een substantiële bijdrage van 13% aan het totale elektriciteitsverbruik binnen de EU. Duitsland blijft de Europese koploper met een indrukwekkende 119 GW aan geïnstalleerd vermogen, op de voet gevolgd door Spanje met 56 GW. Aan de andere kant van de oceaan, in de Verenigde Staten, is een vergelijkbare trend zichtbaar. De VS staan op de derde plaats wat betreft de snelheid van capaciteitsuitbreiding. Tegen januari 2026 maakten hernieuwbare bronnen daar al 36,6% uit van de totale opwekkingscapaciteit. De neergang van steenkool is hier bijzonder frappant: het aandeel in de Amerikaanse energiemix daalde van 34% in 2015 naar slechts 17% in 2025.

De onstuitbare opmars van zonne-energie wordt fundamenteel gedreven door haar superieure economische prestaties. Grootschalige zonneprojecten kunnen tegenwoordig elektriciteit leveren voor een prijs van ongeveer 1 cent per kWh. Wanneer we dit vergelijken met andere bronnen, worden de verschillen in 2026 pijnlijk duidelijk: volgens schattingen van Fraunhofer ISE variëren de kosten voor kernenergie tussen de 16 en 56 cent per kWh, terwijl steenkool tussen de 15 en 29 cent en gas tussen de 15 en 33 cent per kWh liggen. Naast de kosten spelen technologische doorbraken een cruciale rol. De TOPCon-technologie zal naar verwachting in 2026 een marktaandeel van 70% bereiken, terwijl de commerciële introductie van perovskiet-modules nieuwe grenzen opent voor efficiëntie. Deze innovaties verankeren zonne-energie definitief als de onbetwiste hoeksteen van het toekomstige wereldwijde energiesysteem.

5 Weergaven

Bronnen

  • Deutsche Welle

  • China Electricity Council/China Daily

  • Electrek

  • CleanTechnica (via Deutsche Welle report)

  • pv magazine International

Heb je een fout of onnauwkeurigheid gevonden?We zullen je opmerkingen zo snel mogelijk in overweging nemen.