Op 17 januari vormde Milaan het decor voor de prestigieuze presentatie van de herencollectie van Dolce & Gabbana voor het seizoen herfst-winter 2026–2027. Onder de titel "Portrait of a Man" beoogde het modehuis een galerij van mannelijke beelden te creëren die de veelzijdigheid en individualiteit van de moderne man zou vieren. De catwalk bood een breed scala aan esthetiek, maar de uitvoering van het thema riep direct scherpe vragen op bij critici en modeliefhebbers wereldwijd.
Ondanks de belofte van diversiteit, bleek de casting op de runway opvallend eenzijdig te zijn. De getoonde "veelzijdigheid" beperkte zich in de praktijk uitsluitend tot modellen met een Europees uiterlijk en donker haar. Het volledige ontbreken van zwarte modellen of modellen van Aziatische afkomst bleef niet onopgemerkt door het aanwezige publiek en de internationale media. Deze specifieke keuze leidde onmiddellijk tot felle beschuldigingen van racisme aan het adres van het Italiaanse luxemerk.
De reacties uit de modewereld waren ongezouten, waarbij topmodel Bella Hadid een prominente rol speelde in de kritiek. Zij noemde de situatie op de catwalk ronduit "beschamend" en deed een krachtige oproep om het merk te boycotten. Hadid herinnerde haar volgers en het publiek aan de turbulente geschiedenis van Dolce & Gabbana op het gebied van controverses. Hierbij verwees zij expliciet naar het grote schandaal uit 2018 rondom racistische uitlatingen over China, de juridische veroordelingen voor belastingontduiking in 2013 en de eerdere kritiek op hun uitspraken over ivf-behandelingen in 2015.
Ondanks de aanzwellende kritiek en de morele discussie die buiten de zaal woedde, kon de artistieke impact van de show zelf niet worden ontkend. Domenico Dolce en Stefano Gabbana slaagden erin een visueel spektakel neer te zetten dat verschillende stijlelementen naadloos met elkaar combineerde. De collectie balanceerde op kundige wijze tussen mediterrane romantiek en een meer klassieke, bijna intellectuele uitstraling. Er was in de ontwerpen ruimte voor zowel een vorm van roofzuchtige sensualiteit als een nuchter, rationeel pragmatisme.
De uitgebreide collectie bestond uit in totaal 100 unieke looks, waarmee het ontwerpersduo een breed overzicht gaf van hun visie op de toekomstige herenmode. Bezoekers kregen een rijke variatie aan kledingstukken te zien, variërend van weelderige bontjassen en comfortabele vesten tot uiterst strak gesneden smokings. Daarnaast was er veel aandacht voor hoogwaardig breiwerk en diverse modellen die de grens tussen luxe en sportiviteit opzochten binnen het genre sport-chic. Hiermee bewees het merk wederom hun technisch vakmanschap, ook al blijft de maatschappelijke discussie over hun bedrijfsvoering hen hardnekkig achtervolgen.


